Katholieke kerk castreerde jongentjes 'voor de kunst'.......

Christendom, Islam, Boeddhisme, het leven, de dood, bijbel- en koranteksten. Al ben je agnost of polytheïst, je bent hier welkom om er over te praten.
Plaats reactie
Gebruikersavatar
taigitu
Professor
Berichten: 9532
Lid geworden op: 04 dec 2011, 14:37

Katholieke kerk castreerde jongentjes 'voor de kunst'.......

Bericht door taigitu » 31 dec 2017, 11:02

Alessandro Moreschi, met de koosnaam ‘De engel van Rome’, was de laatste castraatzanger.

11 juni 2017

Castraatzangers moesten hun testikels opofferen voor de kunst

Alessandro Moreschi werd straatarm geboren in een Italiaans dorpje en beleefde een bliksemcarrière in het koor van het Vaticaan. Hij was pas 25 toen hij in de Sixtijnse Kapel een sopraansolo zong voor de paus. Het geheim achter Moreschi’s stem was dat hij als kind gecastreerd was.

Alessandro Moreschi stierf op 22 april 1922 na een lang ziekbed, te midden van zijn familie. Ondanks een leven in dienst van de katholieke kerk leek het Vaticaan geen erg te hebben in het sterfgeval. Het stond niet in L’Osser­vatore Romano, de krant van het Vaticaan, en ook niet in het Vaticaanse jaarboek Annuario Pontificio. En de overlijdensakte van Alessandro Moreschi verdween spoorloos.

Misschien schaamden staat en kerk zich ervoor dat Alessandro Moreschi stond voor een verschijnsel dat lang in Italië is gehandhaafd. Jongens werden er tot ver in de 19e eeuw gecastreerd om ze tot de bijzondere zangers te maken die de katholieke kerk nodig had.
Maar zijn collega’s en zelfs zijn voormalige vijanden betoonden Moreschi veel eer in overlijdensadvertenties en bij de druk bezochte, openbare begrafenis in de San Lorenzo-kerk in Damaso. ‘De engel van Rome’, zoals Moreschi werd genoemd, zweeg voor altijd.

Castraten in de kerk

Het castreren van jongens en mannen is al bekend vanaf de oudheid en werd onder meer gebruikt als straf voor slaven. Pas rond het jaar 400 werd in Europa voor het eerst melding gemaakt van castraatzangers, in verhalen over het eunuchenkoor in het Byzantijnse Rijk.
In 1204 verdween het verschijnsel om onnaspeurbare redenen en het dook drie eeuwen later pas weer op – in Italië.

Volgens documenten van de Kerk traden castraten vanaf 1553 op en in 1558 had de Sixtijnse Kapel zeker castraten in het koor. Vóór castraten hun intrede deden, zongen jonge jongens of falsetten de sopraan- en altpartijen, omdat vrouwen niet in de kerk mochten zingen.

Maar in 1589 bepaalde paus Sixtus dat het jongenskoor van de Sixtijnse Kapel met castraten werd uitgebreid, wellicht omdat ze meer volume hadden en zich langer konden bekwamen; de carrière van jonge jongens was met het aanbreken van de puberteit afgelopen.

De katholieke kerk beschouwde vrouwen die in het culturele leven optraden als zondig, of het nu om toneel, ballet of opera ging, dus toen de opera in zwang kwam, vonden de castraten een nieuw werkveld. Castraten traden al omstreeks 1600 in de allereerste opera’s op en werden algauw grote sterren in het nieuwe genre. En de castraten namen niet alleen vrouwenrollen op zich. De barokke componisten koppelden een hoge status aan een hoge zangstem en castraten werden dan ook steeds meer voor mannelijke heldenrollen gebruikt. In de bloeiperiode van het verschijnsel vervulden castraatzangers zeker twee van de drie operarollen.

Door de toenemende populariteit van de opera gedurende de 18e eeuw werden de meest populaire castraten supersterren die op grote voet leefden en in de hoogste kringen verkeerden. Al snel deden geruchten over affaires van castraten met adellijke dames de ronde.
Die geruchten waren niet geheel bezijden de waarheid, maar wel sterk overdreven, want de castraten hadden geen hormonale geslachtsdrift en hun geslachtsorganen bleven onontwikkeld. Ze hadden wel een geestelijke drang tot geslachtsdrift, maar waren 'ongevaarlijk’ voor de adellijke dames, omdat er geen kans was dat een affaire op een ongewenste zwangerschap uitdraaide.

Castraten werden ook beticht van homoseksuele neigingen.
Avonturier Giacomo Casanova maakt in zijn verhalen over het Italië van de 18e eeuw melding van de prikkelende uitwerking die de androgyne verschijning van castraten had en van de avontuurtjes die ze met welgestelde edellieden hadden.

4000 jongens jaarlijks verminkt.

- Castratie vond bij jongens meestal plaats als ze ongeveer acht jaar oud waren.
Het kwam vooral in Italië veel voor. Op het hoogtepunt, in de 18e eeuw, werden jaarlijks 4000 jongens gecastreerd.

- Een bekende methode was de zaadleiders door te snijden, waarna de testikels ‘indroogden’.
De ingreep was taboe en als verklaring voor de verminking werd meestal een ziekte of een vaag verhaal over een aanval van een beer opgevoerd.

- Castratie leidde tot een aantal afwijkingen. Castraten werden doorgaans heel lang en hun ledematen waren langer dan normaal omdat de botgroei niet door geslachtshormonen werd afgeremd. Hun geslachtsorganen waren vaak onontwikkeld, maar werkten soms wel. Hun huid was bleek en ze hadden geen baardgroei, maar veel hoofdhaar en neiging tot overgewicht, ronde heupen en smalle schouders.


Castraten hebben het nakijken
Eind 18e eeuw begon de populariteit van castraten af te nemen. De operastijl veranderde en een nieuw type heldentenor in de persoon van de Fransman Gilbert-Louis Duprez won terrein, ten koste van de castraten. Ook bood de economische opleving in Italië betere toekomstperspectieven, waardoor veel arme ouders die eerst castratie voor hun zoon overwogen, nu andere carrièremogelijkheden zagen.

Verder was de houding van Napoleon III belangrijk.

Hij verbood castratie in Frankrijk en de delen van Italië die hij bestuurde en gaf vrouwen toestemming in de kerk en de opera te zingen. Maar binnen de muren van het Vaticaan bleef de traditie lang nadat deze haar aantrekkingskracht op de massa had verloren, in ere.
Onder de tradities waarvoor castraten nodig waren, was de jaarlijkse opvoering van Miserere van Gregorio Allegri in de week voor Pasen. En al was verminking in strijd met de katholieke leer, de kerk praatte het gebruik van castraten goed door te zeggen dat hun gezang ter ere van God was.

De laatste castraat
Alessandro Moreschi werd geboren op 11 november 1858, slechts drie jaar voor de dood van Giovanni Battista Velluti, de laatste superster uit de hoogtijdagen van de castraten.
Hij kwam ter wereld in het Italiaanse gehucht Monte Compatri, als zevende in een kinderrijk en arm gezin. Zoals bij zo veel andere castraatzangers weet niemand wanneer, hoe en waarom Alessandro Moreschi werd gecastreerd. De doop werd haastig voltrokken op de dag van zijn geboorte, wat op een levensbedreigende ziekte of gebrek wees. Castratie was een gangbare behandeling van enkele ziekten. Ziekte werd vaak als smoes gebruikt, want castratie was dan wel wijdverbreid, het stond ook ter discussie. De ingreep was niet ongevaarlijk.

De verdoving bestond uit warme baden, opium en het ingedrukt houden van de halsslagader in de nek, totdat de jongen het bewustzijn verloor – een overdosis of te hard drukken kon de dood van het kind betekenen. Vervolgens werden de zaadleiders doorgesneden of verbrijzeld. Bloedingen en infecties lagen op de loer. En wie het overleefde, had te kampen met gezondheidsproblemen en een eigenaardig uiterlijk: vetophopingen op de heupen, billen, borst en oogleden.

Afbeelding

Het sixtijnse koor met Alessandro Moreschi, die toen mogelijkerwijs de laatste nog in leven zijnde castraatzanger was. Het jaartal van de foto is onbekend.

Castraten waren misvormd
Het gebrek aan testosteron in de puberteit voorkwam niet alleen dat castraten de baard in de keel kregen, maar ook dat hun botten hard werden. Hierdoor kregen ze onnatuurlijk lange ledematen en ribben. Die lange ribben zorgden voor een grote longcapaciteit, wat het enorme stemvolume van castraten voor een deel verklaarde. Ook geestelijk eiste de castratie een hoge tol. Castraten werden niet alleen aanbeden, maar ook bespot om hun eigenaardige uiterlijk en hun gebrek aan mannelijkheid en seksuele vermogens. De meesten kregen nooit de carrière waar hun ouders van droomden, maar waren buitenbeentjes in de maatschappij.

In Moreschi’s tijd waren castraten al zo ongewoon geworden, dat de kerk moeite had de plekken die vrijkwamen op te vullen, ook in het prestigieuze koor van de Sixtijnse Kapel.
In 1861 werd de castratie van jongens in het grootste deel van het land verboden en negen jaar later gold het verbod voor heel Italië. Moreschi kon vermoedelijk gecastreerd worden omdat hij uit een afgelegen dorp kwam. In 1871 werd de 13-jarige jongen naar Rome gestuurd om aan een school voor koorknapen van de San Salvatore-kerk in Lauro te studeren. Moreschi was de enige castraat van de school en moet zich compleet anders hebben gevoeld, ook al waren de fysieke tekenen van castratie bij hem niet zo duidelijk.

Moreschi leidde rustig leven
Door het gebrek aan castraten had Moreschi een bliksemcarrière. Als 15-jarige werd hij eerste sopraan in de Pauselijke Aartsbasiliek van Sint-Jan van Lateranen en hij trad vaak op voor de elite. Toen hij 25 was, werd hij zonder de gebruikelijke proeftijd in het koor van de Sixtijnse Kapel opgenomen; waarschijnlijk omdat het aanbod beperkt was en het koor nog slechts zes castraten telde.
Paus Leo XIII had inmiddels al nieuwe benoemingen van castraten in de kerk verboden, met de Sixtijnse Kapel en andere pauselijke basilieken in Rome als enige uitzonderingen, maar in 1902 was het ook hier afgelopen. In 1903 besloot paus Pius X dat de weinige castraten vervangen moesten worden door jongens. Maar door onbekende oorzaak, misschien vanwege zijn jarenlange aanstelling, mocht Moreschi blijven.

Moreschi leidde, anders dan veel van zijn voorgangers, een rustig en teruggetrokken bestaan. In zijn jonge jaren liet hij zich na een concert soms meeslepen en liep hij tussen zijn publiek rond om complimenten in ontvangst te nemen, maar deze behoefte werd met de jaren minder.
Hij was de enige castraatzanger die lang genoeg leefde om zijn stem voor het nageslacht te vereeuwigen.
In 1902 en 1904 nam hij 17 nummers op, die een unieke indruk geven van het stembereik van de castraatzanger.

In de video hieronder kun je Moreschi het Ave Maria horen zingen. http://historianet.nl/cultuur/castraatz ... r-de-kunst
Getuigen van de Waarheid

24 december 2017
Auteur: Anton de Wit

Getuigen van de Waarheid

Journalisten moeten “waarheid en reflectie” verkiezen boven “sensatiezucht en geschreeuw”. Die heldere boodschap spiegelde paus Franciscus afgelopen weekend voor aan een gehoor van ongeveer 350 Italiaanse journalisten.

‘Nepnieuws’ – de paus nam het modewoord niet in de mond, maar zinspeelde er wel op – is niet alleen schadelijk voor samenleving en individu. Het is zelfs “zondig” – dat onmodieuze woord nam hij wél in de mond – en daarmee schadelijk voor de ziel.

Sereniteit, precisie en volledigheid
Een journalistiek die zoekt naar waarheid en reflectie, en ook, aldus de paus, naar “sereniteit, precisie en volledigheid”

Als redactie van Katholiek Nieuwsblad delen we uiteraard van harte dat ideaal van de Heilige Vader.
In de speciale dubbeldikke kersteditie van dit jaar proberen we dat ook te laten zien. Door verhalen van over de wereld te laten weerklinken, die elk vanuit een eigen invalshoek reflecteren op wat die Waarheid, die zich in de stal in Bethlehem heeft geopenbaard, concreet in onze eigen levens betekent.

Sensatiezuchtige wereld
Maar het journalistieke ideaal van paus Franciscus is verre van evident. Ook wij moeten ons als krant staande houden in een wereld die sensatiezuchtig is, waarin geschreeuw beter wordt gehoord dan de serene stilte van de Stille Nacht.

Moeten we ‘nepnieuws’ wijten aan de geslepenheid van de zenders, of aan de onnozelheid van de ontvangers? Zoeken wij nog echt naar waarheid wanneer we de krant openslaan, of ons informeren via internet, radio of televisie? Zit er nog iets tussen blind vertrouwen en blind wantrouwen? Snappen we nog het verschil tussen een gezonde kritische geest en verbitterd cynisme? Dat vergt een constante aandachtigheid en waarachtigheid van zowel de nieuwsproducent als de nieuws-consument.

Geduldig en waardig getuigen
Zo wij het graag willen begrijpen, vroeg de paus om een biddende journalistiek. Een journalistiek die – als Maria toen zij de engel ontmoette, of de wijzen toen zij de ster aan de hemel zagen – in het hart overwogen hoe zij al die verwarrende tekenen moesten duiden. Dat vraagt vertraging, wanneer de wereld alsmaar sneller wil draaien. Dat vraagt nuance, wanneer de wereld om gemakkelijke antwoorden schreeuwt.

Populair maak je jezelf daar misschien niet mee, maar toch is dat precies wat onze journalistieke missie is en blijft in het nieuwe jaar dat voor ons ligt. Geduldig en waardig getuigen van de Waarheid die ons vrij maakt, die met Kerstmis mens geworden is, die onder ons gewoond heeft.

https://www.katholieknieuwsblad.nl/comm ... e-waarheid
De Paus zegt: "Journalisten moeten “waarheid en reflectie” verkiezen boven “sensatiezucht en geschreeuw”.
Dat is een mooi streven en een normaal mens geeft hier inderdaad de voorkeur aan.
Maar ik viel stil toen ik de uitspraak las van de Paus omdat de Katholieke Kerk nou niet het voorbeeld is van een voorstander van de waarheid als het het eigen instituut betreft. De 'waarheid' staat niet bovenaan als naar buiten komt wat er in de kerk door het grondpersoneel van God, door de eeuwen heen, wordt uitgespookt met kinderen.
De waarheid over de gruwelen die kinderen en anderen door hen werden/worden aangedaan wordt ontkend totdat er geen uitweg meer is. Want één waarheid staat in de kerk duidelijk vermeld in de regels die het grondpersoneel moet volgen, en dat is dat 'zij mogen liegen en ontkennen wanneer de Waarheid de katholieke kerk kan schaden'.
Dat is één van de canonieke regels die moet worden nageleefd en nog niet geschrapt is.

Als je dan leest en hoort wat de katholieke kerk allemaal op zijn kerfstok heeft, en wie weet wat er nog allemaal in de doofpot zit. Dan kan je als rechtschapen mens dit instituut met zoveel monsterlijke activiteiten door de eeuwen heen, toch niet zien als voorbeeld "hoe te leven volgens Gods woord". En hoeveel gruwelen zitten er nog in hun doofpot?
Het maakt hun woorden 'laat de kinderkens tot mij komen', die een liefdevolle uitnodiging moet zijn, als iets van de duivel.

Er gebeuren nog steeds gruwelijke dingen in de kerk mede door het beleid van de katholieke kerk. Daders worden verplaatst en uit ervaring weten we dat deze daders, door die verplaatsing, niet van hun afwijking zijn genezen. Het gevaar blijft aanwezig in de gemeenschap.
Ik zou zeggen 'maak eens schoon schip' en stuur iedere schuldig lid van het grondpersoneel van God, weg uit de kerkgemeenschap of lever hem/haar af op het politiebureau.
Schrap die canoniek regel en verlang die waarheid van iedereen die God's woord uitdragen als De Waarheid, en niet alleen van journalisten.
...................................................................................Afbeelding

Gebruikersavatar
gusteman
Professor
Berichten: 5509
Lid geworden op: 16 mei 2010, 23:54

Re: Katholieke kerk castreerde jongentjes 'voor de kunst'.......

Bericht door gusteman » 31 dec 2017, 15:15

taigitu schreef:Want één waarheid staat in de kerk duidelijk vermeld in de regels die het grondpersoneel moet volgen, en dat is dat 'zij mogen liegen en ontkennen wanneer de Waarheid de katholieke kerk kan schaden'.
Dat is één van de canonieke regels die moet worden nageleefd en nog niet geschrapt is.
Heb jij daar een bron voor, beste taigitu?
Ik bedoel maar: als dit waar is dan moet het terug te vinden zijn in de Codex Iuris Canonici (Codex vabn het Canonieke Recht) en het lukt mij niet er iets over terug te vinden.
Of bedoelde jij iets anders dan "canonieke regels" en indien ja, wat bedoelde je dan precies en waar valt dat terug te vinden?
Vragen bij mijn reactie? Ik antwoord je hier (klik).
De wetenschap wéét dat ze niet alles weet. Maar het feit dat de wetenschap niet alles weet betekent niet dat je elke lacune naar believen kan invullen met een sprookje naar keuze. (Dara Ó Briain)

Gebruikersavatar
taigitu
Professor
Berichten: 9532
Lid geworden op: 04 dec 2011, 14:37

Re: Katholieke kerk castreerde jongentjes 'voor de kunst'.......

Bericht door taigitu » 01 jan 2018, 13:23

gusteman schreef:
taigitu schreef:Want één waarheid staat in de kerk duidelijk vermeld in de regels die het grondpersoneel moet volgen, en dat is dat 'zij mogen liegen en ontkennen wanneer de Waarheid de katholieke kerk kan schaden'.
Dat is één van de canonieke regels die moet worden nageleefd en nog niet geschrapt is.
Heb jij daar een bron voor, beste taigitu?
Ik bedoel maar: als dit waar is dan moet het terug te vinden zijn in de Codex Iuris Canonici (Codex vabn het Canonieke Recht) en het lukt mij niet er iets over terug te vinden.
Of bedoelde jij iets anders dan "canonieke regels" en indien ja, wat bedoelde je dan precies en waar valt dat terug te vinden?
Nee, op die site kan je die canonieke regel niet vinden. Ik heb die regel al eerder vermeld in een topic maar kan deze ook niet zo snel vinden. Ik heb toen, als ik me goed herinner, een link gegeven waar dat wel werd vermeld. Maar..... onderstaande tekst maakt wel duidelijk hoe het is geregeld in de katholieke kerk. En dat onrecht dat niet wordt veroordeeld maar de doofpot in moet, daar walg ik van.
De katholieke kerk namelijk heeft haar eigen canonieke rechtspraak en die rechtspraak is geldig bij het beoordelen en veroordelen van het grondpersoneel van dit instituut.
Hieronder wordt duidelijk hoe walgelijk een en ander wordt geregeld door deze kerk.
Het is machtsmisbruik van de hoogste orde zonder enig respect voor 'de kudde' waarover zij zich zelf als 'hoeder' hebben benoemd.
En als je kijkt hoeveel gevallen van misbruik de afgelopen jaren bekend zijn geworden ondanks die canonieke regel van geheimhouding kan men toch niet meer beweren dat er in de kerken en de internaten 'ich habe es nicht gewüsst"......
Niet de Belgische bisschoppen, maar het eigen canoniek recht van de Heilige Stoel bepaalt de spelregels inzake seksueel kindermisbruik….

20-1-2012

Tegen de achtergrond van het seksueel kindermisbruik door de bisschop van Brugge Roger Vangheluwe werd bij het aantreden van de nieuwe aartsbisschop André-Joseph Léonard door hem nadrukkelijk beloofd dat seksueel kindermisbruik in een pastorale relatie van dan af altijd zou worden aangegeven bij justitie.

Hij baseerde zich daarbij op een officieuze richtlijn van het Vaticaan die reageerde op het stilzwijgen van Benedictus XVI op Pasen 2010. Die werd gepubliceerd op de public relations website van het Vaticaan: ‘Gids voor het verstaan van de basisprocedure van de congregatie van de geloofsleer betreffende beschuldigingen van seksueel misbruik’ ( http://www.vatican.va/ressources/resour ... es_en.html ).

Het werd op 12 april verkocht aan de media als een teken dat de paus eindelijk had toegestemd in het feit dat de burgerlijke wet aangaande het aangeven van misdaden bij de aangewezen overheden altijd diende gevolgd te worden.
De media veronachtzaamden echter dat deze gids geen pauselijke autoriteit had tot wijziging van het kerkelijk recht van 1983 en de brief van Ratzinger van 2001 (zie verder) waar absoluut geen sprake is van een vereiste om justitie in te schakelen.

Rechter Geoffrey Robinson, die een studie publiceerde naar de rol van het Vaticaan bij de schending van de mensenrechten, wijst er aldus op: “Dit werd duidelijk drie maanden later toen Benedictus zijn nieuwe kerkrechtelijke normen uitvaardigde met ‘Normae de gravioribus delictis’ waarin geen enkele bepaling staat die bisschoppen verplicht tot aangifte van seksueel kindermisbruik aan de burgerlijke autoriteiten. Pauselijk woordvoerder pater Lombardi gaf toen ook toe dat de kwestie van aangifte was besproken maar verworpen.

Er was bewust beslist dat het niet diende opgelegd als een nieuwe regel van kerkelijk recht.
Het diende enkel toegepast in landen waar een dienovereenkomstige burgerlijke wet bestaat. Maar vele landen in Latijns-Amerika en Azië hebben dergelijk specifieke wetten niet. Daar moet de politie dus niet gealarmeerd worden. Belangrijkste reden hiervoor is het biechtgeheim. Een bisschop mag dat niet schenden. Dat geeft hem de mogelijkheid om zijn priesters te redden door hen niet in de beklaagdenbank van een rechtszaal te moeten brengen. (The case of the pope, London 2010, p.58).

Het seksueel kindermisbruik in de rooms-katholieke kerk werd voor het eerst ijzersterk gedocumenteerd in de jaren tachtig. Het gebeurde in de Verenigde Staten waar - na opvallende onderzoeksjournalistiek, gepubliceerd in de National Catholic Reporter - de dominicaan Tom Doyle, als canonist verbonden aan de pauselijke nuntiatuur, het niet langer kon aanzien.

Met een advocaat en een psycholoog stelde hij een rapport op dat aan alle bisschoppen werd toegezonden. Seksueel kindermisbruik door statutair celibataire priesters werd daar niet in geïdentificeerd als morele zwakheid, maar als een compulsieve psychoseksuele afwijking. Het rapport wees op jarenlang durende effecten op de slachtoffers. Het niet rapporteren ervan aan de justitie van de staat werd daarom als de meest voorkomende fout van de hiërarchie aangewezen.
In 1985 werd dat rapport door de Amerikaanse bisschoppenconferentie nog helemaal terzijde gelegd.
Het betekende ook het einde van Doyles canonieke taak bij de nuntiatuur. Hij was als geëngageerde priester voor de hogere hiërarchie een persona non grata en werd luchtmachtaalmoezenier. Het stelde hem in de gelegenheid om in 200 processen voor slachtoffers te getuigen en in nog eens 300 zaken van seksueel misbruik in pastorale relaties te adviseren.
Bij de eeuwwisseling werd het priesterlijk misbruik in de VS een zo verbreid schandaal dat de bisschoppenconferentie in 2002 zich gedwongen voelde om elke priester die zich aan crimineel kindermisbruik schuldig maakte aan te geven bij de politie. Dit was hun opmerkelijk besluit tot ‘zero tolerance’. Daar werd met de beslissing van kardinaal Ratzinger om alles stil te houden en rechtstreeks aan het tribunaal van de congregatie voor de geloofsleer te laten rapporteren, door het Vaticaan een stokje voor gestoken.

Niets werd overgelaten aan de discretie van lokale bisschoppen.
Dat was conform met ‘Crimen sollicitationis’, een stuk van kardinaal Ottaviani uit 1962. Het handelt over priesters die biechtelingen trachtten te verleiden tot seks of op een andere manier ‘obscene’ dingen wilden doen met jongens of meisjes om hen vervolgens te absolveren. Een kerkelijk misdrijf waarvan de absolutie wordt voorbehouden aan de paus. Die tekst verplicht zelfs het jonge slachtoffer ‘op straffe van excommunicatie’ tot geheimhouding! Dit document legitimeert de hele geheimhouding en het traumatiseren van de jonge slachtoffers, wat wel typisch rooms-katholiek mag worden genoemd. Het gaat hier immers om kinderen met een naïef vertrouwen in de priesters, die al op zevenjarige leeftijd worden ingeprent om het experimenteren met hun mysterieuze geslachtsorganen als groot kwaad te beschouwen: doodzonde (een verbreken van de vriendschap met God).

In 1962 was kardinaal Alfredo Ottaviani - de notoire bestrijder van Vaticanum II - dan wel grootinquisiteur, maar er werd in 2001 door zijn latere opvolger kardinaal Joseph Ratzinger zelf een nieuw decreet uitgevaardigd, waarin deze besloot om álle misbruik door priesters (los van het absolutie geven in de biecht dus) uitsluitend voor te behouden aan het Vaticaan.

Het ging om ‘delictis gravioribus’, een brief aan alle bisschoppen met het bevel dergelijke seksschandalen van priesters op straffe van excommunicatie niet in eigen beheer te behandelen en alles onder ‘pauselijk geheim’ te houden. Dit alles leidde tot schikkingen en het ‘sub secreto’ uitbetalen van alsmaar grotere kapitalen aan zwijggelden. De - op één na - hoogste verantwoordelijke hiervoor was dus toen al de huidige paus Ratzinger. Dezelfde die zich nu verontwaardigd opstelt en pedofilie terecht omschrijft als een “weerzinwekkende misdaad en een zware zonde, een belediging voor God die de waardigheid schendt van de mens die naar zijn gelijkenis is geschapen”. Hij die wist wat er op dit punt wereldwijd fout zat onder de clerus, deed in zijn brief aan de Ierse katholieken van 2010 een oproep aan de bisschoppen: ”Ervan bewust dat de huidige pijnlijke situatie niet snel opgelost raakt, dient u zich vastberaden te buigen over de problemen van het verleden en de huidige crisis eerlijk en waardig aan te pakken”. Niet mis bedacht als een soort window-dressing, dacht ik even. Want hij weigerde wel om tegelijk in te gaan op de vraag van de Ierse slachtoffers om álle verantwoordelijke bisschoppen te ontslaan. De vraag blijft of de intransigente Benedictus XVI ook in deze niet verstrikt zit in een vorm van hypocrisie die zich in de toekomst verder gaat wreken.


We weten dat dit soort kindermisbruik - onder kerkrechtelijk ‘sub secreto’ - is blijven doorgaan zonder dat kerkelijke oversten - verstrikt in een doofpotcultuur - adequaat reageerden.
Door het bekend worden van zoveel seksuele klerikale buitenissigheden kan men zich inderdaad afvragen of de realiteit de fictie zelfs niet overstijgt. Uit zijn ‘De delictis gravioribus’ blijkt dat Ratzinger moet hebben voorzien dat dit soort seksschandalen de kerk wereldwijd zou gaan treffen. Mijns inziens besliste hij daarom dat de Heilige Stoel de controle over alle beschuldigingen van seksueel misbruik door haar priesters in eigen handen moest houden en deze zaken moest beoordelen volgens het eigen kerkelijk recht. Vandaar zijn verzet (toen al) tegen de ‘zero tolerance’ voorgesteld door de Amerikaanse bisschoppen.

Het ging dus ook over Oostenrijk, Polen, Ierland, Duitsland, Nederland en België. Het onverantwoorde optreden hierbij van de nu paus geworden kardinaal Ratzinger werd zo een alsmaar groter wordend schandaal in de rooms-katholieke kerk. Want de paus is - op grond van een concordaat met ‘Il duce Mussolini’ een soeverein staatshoofd van de hele katholieke hiërarchie. Priesters zijn aldus als het ware gaan beschikken over een soort tweede nationaliteit. Seksueel kindermisbruik is volgens het kerkelijk recht uiteraard ongeoorloofd, maar de kerkelijke straffen houden voor de kindgevaarlijke priester volgens dat eigen kerkelijk recht alleen maar boetedoening in. Laat staan dat er binnenkerkelijk ernstig justitieel onderzoek naar deze misdaden (met DNA-afnames, alibigegevens, etc.) mogelijk zou zijn.

Als laatste monarchistische hiërarchie die geen scheiding van machten kent en een eigen kerkelijk recht praktiseert dat kan indruisen tegen de cultuur van democratisch geregeerde staten is de rooms-katholieke kerk een organisatie geworden die niet door een parlementen van gekozen burgers tot verantwoording kan worden geroepen. Men moet zich zelfs terecht afvragen of een concordaat met een Italiaanse dictator uit 1929 de rooms-katholieke kerk het recht verleent om in 2010 boven de wetgevende, rechterlijke en uitvoerende macht van een rechtsstaat als België te staan en zich in criminele aangelegenheden boven het parlement op te stellen.

Het is tegen de achtergrond van deze kerkelijke spelregels dat de Belgische bisschoppen in de weken voor Kerstmis voor een haast onmogelijke opgave werden gesteld. Voor de intransigente paus Benedictus XVI is het de Heilige Stoel die met een eigen canoniek recht de spelregels zal blijven bepalen.

André Truyman. André Truyman is voormalig KRO/IKON journalist en auteur van het boek Schijn van heiligheid.

http://www.rk-kerkplein.org/home/themas ... recht.html
Afbeelding
...................................................................................Afbeelding

Plaats reactie